Home » Blog

Op een dag hoop ik dat jij het ook ervaren mag.

.

Vanavond zat ik zoals elke woensdag wanneer ik kan, naar Idols te kijken. Het blijft me boeien, dergelijke talentenjachten, om verschillende redenen. Toch was Nina den Hartog degene die me vanaf de auditieronde af aan opviel. Ze had geen of nauwelijks make-up op, ze kwam niet binnen in een roze jurk met gouden glitters en ook haar haren waren niet bijzonder gestyled. Zelfs in contact bleek het een meisje van weinig woorden. Schuchter, verlegen, saai, grijze muis, al die termen heb ik voorbij zien komen op de verschillende sociale media. Toch viel ze me op, allereerst omdat ze een wáánzinnig mooi éigen geluid heeft, maar bovenal doordat ze écht is. PUUR! Vanaf minuut 1. Nina viel op door 'gewoon' te zijn.

Je kunt daar van alles van vinden natuurlijk. Ook de jury sprak een paar keer uit dat ze moest veranderen, want wat zou ze doen als ze bier en tomaten naar haar hoofd zou krijgen wat zou ze dan doen? Anouk trekt dan haar t-shirt uit en zingt verder in haar BH. Nina antwoordde nuchter; 'dat is niet iets wat ik wíl doen'. Ze kreeg applaus van de hele zaal. Nina bleef ook in deze reactie bij zichzelf en liet zich niet in verlegenheid brengen. Zó mooi én bijzonder! Ook ik bewonder dat!

Ik spreek regelmatig over de kracht van authenticiteit. Voor velen is dat in eerste instantie nog vaak een leeg begrip. Zoiets als mannen die op een datingsite schrijven; 'ik ben op zoek naar een spontane vrouw'. Schrijf dan niets, denk ik dan, het klinkt zo 'leeghoofdig'.  Met authenticiteit bedoel ik uiteraard de échte, pure, únieke kant van iemand. Iets wat je niet kunt nadoen, of kunt proberen, maar iets wat je gewoon bént, en uitdraagt, dát is wat je mooi maakt. Ik ken veel mensen die altijd bezig zijn met het zóeken naar een bepaalde stijl, of het kapsel willen van hun idool. Mijn inziens omdat we niet weten wie we zélf zijn, of wat ons authentiek maakt.

Authenticiteit gaat niet over perfectie, of over mooi. Authenticiteit is zoals een vingerafdruk. Uniek! Juist 'imperfecties' zijn kenmerkend en dus tien keer krachtiger dan een kapsel dat je hebt laten na-maken van een van je favoriete filmsterren. Ik doel er overigens niet op dat we nu voortaan dus allemaal zonder make-up, zonder verfje en zonder leuke jurk, door de stad moeten gaan lopen, maar dat je staat voor wie je bent, en je niet anders voordoet! Als ik naar mezelf kijk, dan hou ik van een beetje gek, kleur, iets wat nét kan qua combinaties, en veelzijdigheid in kleding. Hetgeen mijn persoonlijkheid ook typeert (hoop ik haha!)

Laatst gaf ik style-advies in de Zizzi-store in Nijmegen en daar was een klant een jurk aan het passen. Ze straalde helemaal toen ze zichzelf in die jurk zag. Ze wist alleen niet of ze hem wel wilde kopen. Ze had immers nóóit blote armen en deze jurk was mouwloos. Ik vroeg haar waarom dat zo was. Ze vertelde zich heel erg te schamen voor haar armen. In mijn optiek waren het 2 hele normale armen, zonder kuiltjes, kwabjes, niet groot niet klein, gewoon normaal. Voor deze vrouw voelde dit helaas niet zo. Ik had dezelfde jurk aan en liet haar mijn kwabben zien. (Ja kwabben, want ik heb werkelijk 2 kipfilets onder mijn armen hangen!) Ik vertelde haar dat ik zelf ook ooit moeite heb gehad met mijn armen, maar dat ik er nu blij mee ben. Ze functioneren immers, ze hebben me door dit leven geholpen en ze horen bij mij. Ze zei dat ze het heel knap vond dat ik dat durfde. Ik zei, voor mij gaat het niet over durven, maar deze armen maken mij, míj!
Daarnaast wil ik graag aandoen waar ik heel blij van wordt, waar ik van straal én dát straal je dan weer uit naar je omgeving, net zoals u straalt in deze jurk. Ze besloot de jurk mee te nemen en begreep wat ik bedoelde. Een paar weken later kwam ze weer in de winkel. Ik herkende haar direct! Ik vroeg haar of ze de jurk al eens aan had gedaan. Ze vertelde dat ze het aan het 'oefenen'  was maar dat ze de keren dat ze hem aan had gedaan heel veel complimenten had gekregen!

 

Nina won vanavond Idols. Allereerst gewoon omdat ze een zeldzaam talent is, wat een prachtige stem. Daarnaast omdat mensen de kracht van authenticiteit, oftewel puur en echt herkennen. Precies zoals dat werkt met non-verbale communicatie. We denken dat we indruk maken door de woorden die we gebruiken in ons sollicitatiegesprek. Juist de woorden die we niet spreken maar de non-verbale communicatie is doorslaggevend. Ik geloof dan ook dat de perfectie van imperfectie áltijd perfect is, ik hoop dat jij het op een dag ook ervaren mag!

 

 

Mijn Grens

 

Hoewel mensen mij misschien in eerste instantie zullen omschrijven als iemand die zich de kaas niet van het brood laat eten, ben ik ook het type ‘grote mond, klein hartje! Piepklein soms want, daar waar ik in een schoenenwinkel niet schroom om schoenen die te snel kapot zijn gegaan met een klacht terug te brengen, is dat in persoonlijke contacten en vriendschappen soms toch een ander verhaal. Ik ben hoog sensitief en heel gevoelig voor sfeer en non-verbale communicatie. Daarnaast ben ik intuïtief sterk ontwikkeld. Als iemand z’n dag niet heeft of iemand zit ergens mee, dan voel ik dat meestal haarfijn aan, of ik kan het aan iemands gezichtsuitdrukking zien. In het werken met mensen een kracht. Ik hoor van cliënten dan ook wel eens; oeh jij kan mij écht altijd ‘lezen’.

In mijn privéleven werkt dit soms net op een andere manier. Als ik voel of zie dat er iets speelt bij iemand in mijn omgeving, maar ik niet kan duiden wat het is, kan ik ook nog wel eens denken; Zou ik iets stoms gezegd hebben? Zelden was dat het geval, maar dat soort onterechte gedachten kunnen mij wel eens wakker houden. Ik wil het graag goed doen voor de mensen die ik lief heb. Ik wil een goede vriendin zijn, een fijne collega en in het algemeen iemand die graag klaar staat voor anderen. Of me dat altijd lukt weet ik niet, maar mijn ratio weet wel dat ik natuurlijk ook geen ‘superwoman’ ben.

Ik ben in het afgelopen jaar enorm op de proef gesteld als het gaat om het bewaken van mijn grenzen. Gek vond ik dat niet. It was about time, maar potverdorie…. Als je hardleers bent, dan leer je het dus ook ‘the hard’ way. Ik heb té lang geprobeerd om me aan iets vast te houden wat eigenlijk niet goed voor me was, uit angst om het te verliezen en dan met name voor de gevolgen die dat zou kunnen hebben. Nou bestaat ‘té lang’ eigenlijk niet vind ik. Ik geloof dat ieder proces een eigen tijdsbestek kent, maar terugkijkend was het véél te lang.
Ik was doodsbang dat als ik afstand zou doen van dat wat niet meer goed voor me was, ik in enorm dal zou belanden en in mijn hoofd maakte hele rampscenario’s zich van mij meester. Ik voelde veelal angst en zoals men meestal zegt; ‘angst is een slechte raadgever’.

Zoals gezegd duurde het een poos, maar na me in allerlei bochten gewrongen te hebben om het vast te houden ten koste van heel veel van míj, zag ik in dat ik werkelijk alles geprobeerd had om het te laten werken, maar op een gegeven moment had ik níks meer te geven. Ik besloot te vertrouwen op het feit dat ik tegen mezelf kon zeggen dat ik er álles aan gedaan had en dat het énige wat ik nú nog kon doen ‘loslaten was’. Ik gaf éindelijk mijn grens aan. Al véél vaker in mijn leven heb ik ontdekt; als je stilstaat en geen uitweg meer ziet, kom dan in beweging, zelfs al weet je niet of je de juiste kant op gaat, het zorgt sowieso voor níeuw uitzicht, het duurde dit keer iets langer tot ik me hier weer bewust van werd.

Ik besloot de weg in te slaan die een einde maakte aan een ingewikkelde tijd. Een weg die zou zorgen voor ruimte en vrijheid, maar ook eentje waarvan de bestemming onbekend is.
De eerste week nadat ik de moed bij elkaar geraapt had om de stap te zetten leek het wel alsof de ‘cadeautjes’ uit de lucht vielen. Zowel letterlijk als figuurlijk. Alsof het universum zei; applaus, grote meid! Over de inhoud van die ‘cadeautjes’ kan ik nu nog niet zoveel zeggen, maar bijzonder en vooral symbolisch was het voor mij wel.

Ik ga komend jaar verder met het thema grenzen, maar vooral ga ik weer ‘voelen hoe het voelt’. Intuïtief mijn keuzes maken en me uitpreken ook al ben ik bang om ‘lastig’ te zijn of bang ben dat men anders misschien wat van mij zou kunnen gaan denken. Ik heb het dit jaar al 4 keer gedaan, soms wat schoorvoetend, maar het voelde als een opluchting en ik voelde me trots.

Ik heb inmiddels ook geleerd dat de lessen die we allemaal op onze eigen manier te leren hebben, net zolang in verschillende situaties op ons pad zullen terugkeren tot we het écht geleerd hebben. Zo bewandelen we allemaal een éigen weg, op ons eigen tempo, met een éigen eindbestemming.

 

 

De 'ontevreden' vluchteling.

 

 
 

Als er iets is wat ik geleerd heb in mijn leven, dan is het dat je niet zomaar kunt oordelen. Niet over een bekende van je en al zeker niet over onbekenden. Iedereen staat door zijn eigen ervaringen, achtergrond en ontwikkeling anders in het leven en maakt hierdoor ook andere keuzes.

 
Wat mij wel vaak opvalt, is dat we meer dan eens stelling in nemen en hardop zeggen, 'nou als mij dit zou overkomen, dan zou ik écht dit en dat doen'. Ik geloof dat je van te voren nóóit kunt oordelen over een situatie waar je zelf geen ervaring mee hebt.
 
Toen ik het nieuwsbericht vanmorgen las over het vertrek van bijna 40 vluchtelingen uit Heumensoord na ontevredenheid, zag ik daaronder meteen een héle tirade aan reacties staan. Mensen die verbolgen zijn over de ontevredenheid van de vluchtelingen. Sommige mensen schrijven 'ga dan terug naar je eigen land!' en nog weer anderen doen uitspraken die ik hier maar niet zal herhalen.
 
Ik kan me beide kanten van de medaille voorstellen. Veel mensen in Nederland hebben met enorm veel liefde en toewijding acties gehouden voor een warm ontvangst van de vluchtelingen. Kleding spullen en andere benodigdheden werden in elke stad zo'n beetje ingezameld. Men zette een actie op met spandoeken voor de verwelkoming van de vluchtelingen in Heumensoord.
Allemaal met héle goede bedoelingen, waarbij een reactie van ontevredenheid begrijpelijkerwijs niet in goede aarde valt.
 
Anderzijds is het natuurlijk de vraag, wát er aan de mensen die op de vlucht waren gecommuniceerd is. Een man vertelt voor de camera dat in Ter Apel, zij veel meer privacy hadden, een eigen kamer bijvoorbeeld. Als je op deze manier al wordt opgevangen bij binnenkomst, dan lijkt dat natuurlijk de norm.
Er is iets bij voor te stellen dat als zij dan worden doorverwezen naar een plek waar ze langer kunnen verblijven, dat ze dan mogelijk hebben vermoed, dat het minstens net zo zal zijn als in ter Apel, maar tenminste niet minder. Als je dan vervolgens met acht mensen in een kamer terecht komt, dan kan ik me ook voorstellen, mede zelfs door geloofsovertuiging, dat dit onbegrip oproept.
 
Als ik dan naar mezelf kijk, dan denk ik, ik zou het niet in mijn hoofd halen om voor een camera mijn ontevredenheid uit te spreken. Toch geloof ik dat ik me niet in die positie kan verplaatsen, noch recht van spreken heb om me hiervan een voorstelling te maken. Deze mensen hebben immers voor alles de afgelopen maanden moeten vechten om te overleven, dat is iets wat ik me niet kan voorstellen. 
 
Toch denk ik in alle opzichten dat communicatie hierin een sleutelrol speelt en vooral de onvolledigheid hiervan. Zowel qua voorlichting aan Nederlanders als qua voorlichting richting de vluchtelingen.
 
Weten zij bijvoorbeeld dat wij zo druk zijn geweest met mooie acties? Hebben zij daar enig beeld van en hadden ze dat kunnen hebben? Anderzijds, wat weten wij nu over de vluchtelingen, meer dan dat ze vaak getraumatiseerd en uitgeput zijn? Weinig tot niks. Bijvoorbeeld een vluchteling in huis nemen, dat is een mooi gebaar, maar is het eigenlijk wel handig? Schetsen we daarmee niet te grote verwachtingen die we op lange termijn niet in alle gevallen waar kunnen maken? 
 
Als een aantal van deze mensen getraumatiseerd zijn, waar moeten we dan op letten en hoe kunnen we ze dan het beste helpen? Ik denk dat daar écht nog veel winst te behalen is. Voorlichting en communicatie, aan beide groepen, alleen dat kan mijn inziens helpen bij een goede start voor deze vluchtelingen en de ontvankelijkheid van de Nederlanders.
 
Ik gun idereen geluk en ik hoop dat er gauw wat meer begrip voor elkaar komt naast inzicht en voorlichting. Dat er beter gecommuniceerd wordt en dat verwachtingen duidelijker worden. Alleen dan creëeren we volgens mij compassie voor elkaar en alleen dan kunnen we samen verder.
 
Samen-leven.
 
 
 
 

Fragment uit 'Onder mijn Jas' het boek waar ik op dit moment aan werk:

Ik wist dat sommige leerlingen op een gegeven moment in de gaten kregen dat ik veel snoepte. Daarom zocht ik manieren om mijn zoetige verslaving een beetje te verbloemen.
Zo gaf ik soms geld aan andere klasgenoten die dan toevallig toch naar de automaat liepen en vroeg hen om ook iets voor mij mee te nemen. Ik schaamde me. Als ik de chocolade dan ontving en dit niet de eerste reep die dag was, dan hield ik hem onder tafel, brak hem in stukjes en at deze stiekem op. Soms als het een héle slechte dag betrof, ging ik naar de WC en at hem daar stiekem op. Op de WC keek namelijk niemand, oordeelde niemand, en was er geen schaamte. Mijn eenzaamheid werd gevuld en mijn schaamte weggestopt met mijn beste vriend; eten.

Logischerwijs kwam ik in korte tijd enorm veel aan. De exacte kilo’s weet ik niet meer, maar ik denk dat ik 2 jaar tijd zeker 30 kilo aankwam als het niet meer is. Ik weet nog wel dat de ‘innerlijke stemmetjes’ daar steeds meer aanwezig waren en ook steeds ‘harder’ leken te spreken. Ik nam me voor om minder geld mee te nemen naar school, dan kon ik het immers gewoon niet kopen. Ook sprak ik met mezelf af dat ik niet meer dan 1 chocobar per dag mocht kopen. Dit lukte misschien een dag, of soms twee, maar heel snel daarna vroeg ik dan ondanks dat ik te weinig geld bij me had, of ik niet van iemand kon lenen.

Achteraf daarop terugkijkend denk ik dat je het bijna zou kunnen vergelijken met een junk die wilde ‘scoren’. Die moet en zal zijn shot krijgen. Ik bewoog op sommige dagen hemel en aarde om van iemand een paar kwartjes te kunnen lenen zodat ik mijn ‘shot’ kon kopen. Ik betaalde diegene altijd meteen de dag daarna terug maar ik raakte moe van de dwang in mijn hoofd om maar steeds chocolade te moeten kopen of roze koeken en anderzijds de stem te horen, doe het nou niet, doe het nou niet. Met name wanneer ik dan ’s avonds in bed lag voelde ik me afschuwelijk. Ik werd gek van de onrust in mijn hoofd, gek van de schaamte. Ook het gepest nam weer toe. Ik werd steeds vaker ‘dikke vetzak’ of iets van diezelfde strekking genoemd, ik werd een gemakkelijk doelwit.